Uitgever is geen beschermde titel: iedereen mag zichzelf uitgever noemen. Dus hoe weet je nu welke uitgever ‘traditioneel’ is en welke niet? Bij wie moet je zijn met het genre waarin je schrijft? En welke traditionele uitgevers staan open voor manuscripten?
Ik schreef voor Substack en LinkedIn een post over traditioneel uitgeven versus selfpublishen, waarop veel reacties kwamen. Vooral (aspirerende) schrijvers waren er blij mee, omdat ze de uitgeverswereld ondoorzichtig vinden.
Ik ging op zoek naar een overzichtelijke database, maar die bleek niet te bestaan. Daarom besloot ik die zelf maar te maken (soms is ADHD + hyperfocus een voordeel).
De voordelen van traditioneel uitgeven
Ja, het is lastig om als onbekende auteur traditioneel uitgegeven te worden, maar niet onmogelijk. En áls het lukt, heeft het veel voordelen (nog buiten het feit dat je zelf geen geld hoeft te investeren in redactie, opmaak, druk, promotie en distributie), zoals:
- Het professionele team van een kwalitatief goede uitgever maakt je boek beter.
- Uitgegeven worden door een gerenommeerde uitgeverij geeft je boek een ‘stamp of approval’, een kwaliteitskeurmerk.
- Je boek komt (veel) makkelijker terecht in de fysieke boekhandel.
- De kans is (veel) groter dat recensenten je boek bespreken.
- Je komt in aanmerking voor subsidies van het Letterenfonds en voor schrijfresidenties.
Er zijn ook een paar goede redenen om je boek in eigen beheer uit te geven, bijvoorbeeld:
- Je genre bereikt een heel klein publiek (niche) waarvoor geen traditionele uitgever bestaat.
- Je schrijft voor familie, vrienden of een andere kleine groep die je zelf makkelijk kunt bereiken.
- Je bent spreker, ondernemer, influencer of BN'er met een groot eigen bereik.
Ik weet vooral hoe het traditionele uitgeefproces werkt, dankzij mijn eigen boeken die verschenen zijn bij Bertram + De Leeuw Uitgevers en Blossom Books.